top of page

Word je eigen schaapherder

“Wees zelf de verandering die je in de wereld wilt zien" – Mahatma Gandhi


De kunst bestaat er niet in om de kudde stil te krijgen. De kunst bestaat erin haar richting te geven. (Foto © Pixabay)
De kunst bestaat er niet in om de kudde stil te krijgen. De kunst bestaat erin haar richting te geven. (Foto © Pixabay)

Stel je eventjes een kudde schapen voor zonder herder. Niet één schaap, maar wel honderd van die pluizige beesten. Elk met zijn eigen richting, zijn eigen tempo en zijn eigen behoeften. Het ene zoekt voedsel. Het andere veiligheid. Een derde schrikt van elke schaduw. Een vierde wil voortdurend nieuw terrein verkennen. Nog een ander loopt gewoon achter de rest aan. En soms zit er ook een zwart schaap tussen. 


Het beeld komt me vaker voor de geest wanneer ik naar mensen kijk dan wanneer ik naar schapen kijk. Ook in ons – in elk van ons – leeft zo’n bonte kudde en ze hebben allemaal een naam. 


Er is een schaap dat Ambitie heet. Een schaap dat Rust zoekt. Een schaap dat Veiligheid nodig heeft – soms het grootste van de hele bende. Er is een schaap dat zich zorgen maakt over morgen – en het draait overuren. Er is een schaap dat verlangt naar waardering – wie niet? Een schaap dat wil genieten. Een schaap dat bang is om tekort te schieten.


Geen van die schapen is verkeerd. Integendeel. Ze zijn zo onschuldig als een lammetje, maar soms zo koppig als een ezel. Dat hoort bij het leven.


Ze vormen samen onze levensenergie. Zonder hen zou er geen beweging zijn, geen goesting, geen verlangen, geen groei, geen liefde, geen zorg voor anderen. Het probleem ontstaat niet omdat er schapen zijn. Het probleem ontstaat wanneer niemand de kudde leidt. Dan neemt het luidste schaap het over – dan is er veel geblaat en weinig wol. 


Voor sommigen – mensen dus – is dat Bezorgdheid. Voor anderen Plichtsbesef. Voor weer anderen Controle, Angst of de hardnekkige overtuiging dat er altijd nog iets móet gebeuren vooraleer je rust mag nemen – om op adem te komen.


Van buitenaf ziet het er vaak bewonderenswaardig uit. Mensen noemen het verantwoordelijkheidszin, doorzettingsvermogen of betrokkenheid. Totdat de kudde als een gek begint te rennen. Tot inslapen moeilijk wordt. Tot de nek en schouders zich aanspannen. Tot de dagen gevuld zijn, maar je vanbinnen niet meer voeden. Tot iemand zegt of uitroept: "Ik begrijp niet hoe het zover is kunnen komen." 


Misschien is dat wel zo omdat we geleerd hebben aandacht te geven aan onze taken en verplichtingen, maar minder aan onze eigen kudde.


Een goede herder weet namelijk iets wat wij al te makkelijk vergeten. Hij probeert zijn schapen niet uit het zicht te verliezen of te verdrijven. Hij voert geen strijd tegen het opgejaagde schaap. Hij verbant het angstige schaap niet uit de kudde. Hij probeert het koppige schaap niet te breken. Hij laat het schaap gewoon schaap zijn. 


Hij kent zijn schapen. Hij weet ook dat elk dier iets komt vertellen. Angst wijst op gevaar. Verdriet wijst op verlies. Boosheid wijst op een grens die overschreden werd. Verlangen wijst op iets dat aandacht vraagt.


Zelfs het meest bokkige schaap heeft een boodschap.


De kunst bestaat er niet in om de kudde stil te krijgen. De kunst bestaat erin haar richting te geven. Daarom heeft een herder ook een afrastering nodig. Een omheining: niet om de schapen te straffen, maar om ze te beschermen.


Ook mensen hebben zulke afrasteringen nodig. Gezonde grenzen. Momenten waarop we stoppen. Momenten waarop we rusten. Momenten waarop we zeggen: voor vandaag is het genoeg geweest. Wie geen grenzen bewaakt, hoeft niet verbaasd te zijn wanneer de kudde onrustig wordt.


En dan is er nog de herdershond. Die trouwe metgezel die vaak sneller voelt dat er iets misloopt dan de herder zelf. De hond is aandachtig, snel, vinnig, alert, trouw en ga zomaar door. 


Zou het kunnen dat ons eigen lichaam die rol op zich neemt? 


Een gespannen nek. Een knoop in de maag. Vermoeidheid. Piekeren. Slechte slaap. Het zijn allemaal signalen: niet om ons tegen te werken, maar om ons iets duidelijk te maken.


De herdershond blaft niet om lastig te doen. Hij blaft omdat de kudde aandacht nodig heeft. Ons lichaam wil ons iets duidelijk maken en het liegt nooit. Het heeft het beste met ons voor en het beschikt over een merkwaardig herstellend vermogen. 


Vrijheid begint niet wanneer de afrastering verdwijnt. Vrijheid begint wanneer de herder verschijnt.

Dit is misschien wel de essentie van innerlijk leiderschap. Niet dat we onze emoties bestrijden of onderdrukken. Niet dat we altijd rustig of perfect in evenwicht zijn. Maar dat we onze schapen leren kennen. Dat we weten welke voortdurend voorop lopen. Welke we al jaren verwaarlozen. Welke te veel ruimte krijgen en welke nauwelijks nog aan bod komen.


Wie zijn eigen schaapherder wordt, probeert niet harder te worden. Hij leert beter te zorgen voor zijn grenzen, zijn aandacht, zijn levensenergie en voor de hele kudde.


De vraag is niet of je schapen hebt. De vraag is: wie leidt vandaag de kudde?


Misschien is welzijn niet de afwezigheid van onrust. Misschien is het welzijn het weten hoe je met je kudde onderweg blijft.

 
 
 

Opmerkingen


  • Black Twitter Icon
  • Black Facebook Icon

© 2025 by Luc Van De Steene. Powered and secured by Wix

bottom of page