top of page

Misschien begint een doorbraak met een betere vraag

Een zwerm laat zich niet begrijpen door één vogel te bestuderen. Misschien geldt dat ook voor een levend organisme. (Foto © Unsplash)
Een zwerm laat zich niet begrijpen door één vogel te bestuderen. Misschien geldt dat ook voor een levend organisme. (Foto © Unsplash)

Een cliënte vertelde me onlangs over een gesprek met haar neurologe.


Drie jaar geleden was ze volledig uitgevallen. Extreme vermoeidheid. 'Brain fog'. Pijn. Een lichaam dat niet meer deed wat het altijd had gedaan. Ze leefde toen nog in een bijzonder toxisch huwelijk. Er werd geen afdoende behandeling gevonden.


Vorig jaar ging ze opnieuw op consultatie. Ondertussen had ze de moed gevonden om uit dat huwelijk te stappen. De neurologe keek haar aan en zei: "Nu zul je herstellen. Maar reken op ongeveer zeven jaar."


Ik bleef aan die uitspraak denken. Niet omdat ik weet of die zeven jaar kloppen. Dat weet niemand en al zeker niet voor iedereen. Maar omdat ze een veel fundamentelere vraag oproept.


Waarom heeft een lichaam soms jaren nodig om opnieuw in herstel te komen?


Die vraag kwam opnieuw bij me op toen ik een recente opinie las over ME/CVS. De auteur-professor waarschuwde terecht voor pseudowetenschap en voor de commerciële uitbuiting van mensen die wanhopig op zoek zijn naar beterschap. Ook zijn pleidooi voor meer biomedisch onderzoek en betere referentiecentra kan ik alleen maar onderschrijven.  


Maar toch bleef ik na het lezen met een onbehaaglijk gevoel achter. Ik miste een belangrijke vraag. 


Waarom herstelt het ene lichaam na een zware belasting, terwijl een ander in een toestand van chronische ontregeling lijkt te blijven?


We investeren terecht in onderzoek naar virussen, ontstekingen, genetische kwetsbaarheid, immuunreacties en verstoringen van de energiehuishouding. Dat onderzoek is noodzakelijk. Maar misschien moeten we daarnaast ook durven onderzoeken hoe al die systemen elkaar beïnvloeden. Onderzoek naar onder meer de darm-hersen-as, neuro-inflammatie en de wisselwerking tussen zenuwstelsel, immuunsysteem en stofwisseling laat zien hoe complex die samenhang is. We beginnen die samenhang pas echt te begrijpen.


Opvallend is immers dat heel verschillende chronische aandoeningen vaak verrassend gelijkaardige ervaringen en klachten oproepen. Mensen vertellen over een lichaam dat niet alleen uitgeput is, maar ook mistig denkt. Dat pijn doet. Dat slecht slaapt. Dat overgevoelig reageert op prikkels. Dat na een beperkte inspanning dagen nodig heeft om te recupereren.


De diagnoses verschillen.

De ervaringen vertonen opvallende gelijkenissen.


Dat betekent uiteraard niet dat ME/CVS, long-covid, fibromyalgie of burn-out dezelfde aandoening zijn. Evenmin dat ze één gezamenlijke oorzaak hebben. Daarvoor is de wetenschap veel te complex en weten we nog veel te weinig. 


Misschien is dát precies de vraag die meer aandacht verdient.


Niet alleen: waardoor ontstaat deze ziekte? Maar ook: waardoor slaagt een organisme er soms niet meer in om terug te keren naar herstel? Misschien ligt daar een volgende stap voor de geneeskunde.


De voorbije eeuw heeft de medische wetenschap indrukwekkende successen geboekt. Door oorzaken op te sporen, ziekteprocessen te ontrafelen en doelgerichte behandelingen te ontwikkelen, zijn miljoenen levens gered. Dat denken heeft ons ongelooflijk ver gebracht.


Maar misschien botsen we bij complexe chronische aandoeningen op de grenzen van een denkkader dat vooral zoekt naar één oorzaak, één mechanisme en één oplossing. Niet omdat dat denken verkeerd is, maar omdat levende organismen zich niet altijd lineair gedragen. Ze bestaan uit systemen die elkaar voortdurend beïnvloeden en zich voortdurend aanpassen.


Een levend organisme is geen machine die stukgaat, maar een systeem dat voortdurend probeert zich aan te passen. Misschien ligt precies daar het verschil. Een machine heeft onderdelen die defect kunnen raken. Een levend organisme probeert zich voortdurend aan te passen aan veranderende omstandigheden. Soms lukt dat wonderwel. Soms raakt precies dat vermogen tot aanpassen ontregeld. Misschien vraagt dat om een ander soort vragen dan we gewoon zijn te stellen.


Daarom spreekt het begrip veiligheid mij aan, op voorwaarde dat we het zorgvuldig gebruiken. Niet als een psychologisch modewoord. Niet als de suggestie dat mensen hun ziekte zelf veroorzaken en al helemaal niet als een oproep om "positiever te denken".


Ik bedoel veiligheid in biologische zin: de toestand waarin een organisme voldoende ruimte heeft om energie te investeren in herstel, in plaats van voortdurend te moeten reageren op belasting. Die belasting kan vele vormen aannemen: een infectie, chronische pijn, genetische kwetsbaarheid, langdurige stress, ingrijpende levensomstandigheden, vroege ervaringen of andere factoren die we vandaag misschien nog niet eens kennen. Het lichaam reageert uiteindelijk op het geheel.


Gezondheid is misschien niet alleen de afwezigheid van ziekte, maar ook het vermogen van een organisme om steeds opnieuw naar herstel terug te keren. Waarom dat vermogen bij sommige mensen ernstig ontregeld raakt, weten we nog onvoldoende. Juist daarom hebben we meer wetenschap nodig. Niet alleen om nieuwe behandelingen te ontwikkelen, maar ook om betere vragen te leren stellen.


De twintigste eeuw was, in veel opzichten, de eeuw van de analyse. Daar danken we antibiotica, vaccins, transplantaties en ongelooflijk veel medische vooruitgang aan. Maar de eenentwintigste eeuw zou wel eens de eeuw van de integratie kunnen worden. Niet omdat de analyse fout was, maar omdat we nu genoeg weten om opnieuw verbanden te leggen. De geneeskunde staat misschien voor haar volgende evolutie.


Misschien vraagt de volgende doorbraak niet alleen om nieuwe technologie of grotere onderzoeksbudgetten. Misschien vraagt ze ook om een bredere manier van kijken. Niet weg van de wetenschap, maar dieper erin. Niet door het succesvolle medische denken van gisteren te verlaten, maar door het uit te breiden. Want levende organismen laten zich niet altijd begrijpen als een optelsom van losse onderdelen. Soms ontstaat inzicht juist in de samenhang.


En misschien begint elke echte wetenschappelijke doorbraak met de moed om een betere vraag te stellen.

 
 
 

Opmerkingen


  • Black Twitter Icon
  • Black Facebook Icon

© 2025 by Luc Van De Steene. Powered and secured by Wix

bottom of page