Het verlangen
- Luc Van De Steene
- 2 dagen geleden
- 1 minuten om te lezen

Het verlangen komt niet met woorden,
maar met een trilling in de lucht.
Alsof iets in je wakker wordt
nog vóór je weet wat het zoekt.
Het is een lichte tinteling in het hart,
een warmte onder de huid,
de stille hoop dat er iemand is
die blijft staan
wanneer jij je openvouwt.
Verlangen is geen gemis.
Het is een herinnering aan nabijheid,
aan hoe het voelt om de ander weer te zien,
en om gezien te worden
zonder jezelf te hoeven uitleggen.
Een weten dat voorafgaat aan taal.
Het leeft in kleine gebaren:
een hand die even blijft rusten,
een blik die niet wegkijkt,
de ruimte tussen twee mensen
die niet gevuld hoeft te worden
om betekenisvol te zijn.
We verlangen naar de ander
zoals een lichaam naar warmte verlangt;
niet uit honger,
maar uit (h)erkenning.
Omdat we gemaakt zijn om te delen,
om onszelf zachtjes toe te vertrouwen
aan wie ons dragen kan.
In dat verlangen schuilt moed.
De moed om kwetsbaar te zijn
zonder zekerheid,
om te zeggen:
hier ben ik,
met alles wat ik weet en voel.
En wanneer het veilig is,
wanneer de stilte niet schrikt
en aanraking geen haast kent,
ontstaat iets wat groter is dan twee mensen:
een gedeelde ademruimte,
een intieme eenvoud,
een samenzijn dat niets vereist
en alles geeft.
Misschien is verlangen wel precies dat:
de meest menselijke vorm van hoop.
Een fluistering die zegt
dat verbondenheid mogelijk is,
dat zachtheid bestaansrecht heeft,
dat we elkaar mogen vinden
in wie we werkelijk zijn,
en dat is genoeg.



Opmerkingen