De cirkel die zichzelf verteert
- Luc Van De Steene
- 5 dagen geleden
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 4 dagen geleden

Er bestaat een schema dat we graag voor volwaardig aanzien:
preventie — misdaad — straf — herstel.
Een keurige cirkel, logisch ogend, geruststellend zelfs.
Een maatschappelijk systeem, ordelijk en beheersbaar.
Maar wat als die cirkel een illusie is?
Wat als twee essentiële bouwstenen ontbreken, en wat overblijft geen cirkel meer is, maar een perpetuum mobile van ellende?
Wie goed kijkt, en helder denkt, ziet het onmiddellijk: preventie en herstel zijn uit het model verdwenen. Niet per ongeluk, maar structureel. Ze zijn vervangen door haastwerk, door morele verontwaardiging, door beleid dat vooral moet tonen dat er “krachtdadig” wordt “opgetreden”. Wat rest is een uitgeklede tweedeling: misdaad en straf. Actie en reactie. Oorzaak en vergelding. Een eindeloze pingpongwedstrijd waarin niemand wint.
Preventie bestaat nog slechts als woord. Het wordt ingevuld zonder kennis van zaken, zonder tijd, zonder luisteren. Alsof complexe menselijke problemen kunnen worden opgelost met een folder, een maatregel, een checklist. Menselijke intelligentie — in de zin van begrip, samenhang, inzicht — is vervangen door efficiëntie. En efficiëntie is een slechte raadgever wanneer het over mensen gaat.
Herstel is er al helemaal bekaaid vanaf gekomen. Herstel vraagt iets wat onze tijd nauwelijks nog verdraagt: menselijkheid, vertraging, ruimte voor falen. Herstel betekent erkennen dat iemand méér is dan zijn daad of gedrag, méér dan zijn dossier, méér dan zijn diagnose. En dat botst met een systeem dat vooral wil registreren, afvinken en doorgaan, niet omkijken.
Wat overblijft is een samenleving die gevangen zit in haar eigen reflexen. Een samenleving die misdaad nodig heeft om straf te kunnen legitimeren, en straf nodig heeft om zichzelf moreel overeind te houden. Een vicieuze cirkel die zichzelf permanent voedt.
Dostojevski zou er zijn wenkbrauwen bij fronsen. Misdaad en straf schreef hij in 1866 als een moreel-filosofische roman, niet als beleidsnota. Bij hem ging straf nooit over ordehandhaving alleen, maar over schuld, geweten, menselijkheid. Over de vraag wat er gebeurt als een samenleving denkt rechtvaardig te zijn, maar het mededogen verliest. Hij zou zich inderdaad al meermaals hebben omgedraaid in zijn graf.
Vandaag zien we hoe zwangerschap in combinatie met verslaving steeds vaker wordt benaderd als een misdaad. Alsof kwetsbaarheid een delict is. Het moederinstinct wordt niet ondersteund, maar gewantrouwd, beheerst, gecorrigeerd via dwang. Alsof dwang ooit liefde, verantwoordelijkheid of herstel heeft voortgebracht.
We weten nochtans beter. Gedwongen opname werkt zelden, vaak zelfs averechts. Ze breekt vertrouwen af waar vertrouwen de enige echte hefboom is. Maar kennis legt het af tegen angst, en angst tegen politieke daadkracht die zich op de bühne wil tonen.
En zo sluipt de blindheid binnen. Niet luidruchtig, maar administratief. Niet door kwaadwilligheid, maar door gemakzucht. Een blindheid die zich vastzet in structuren, en van binnenuit begint te rotten. De implosie waar niemand verantwoordelijkheid voor draagt, omdat iedereen slechts “het systeem” volgt.
Misschien is dat wel het grootste probleem: dat niemand nog durft te zeggen dat het systeem zelf ziek is.
De cirkel kan nochtans anders. Preventie die vertrekt vanuit begrip. Herstel dat vertrekt vanuit menselijkheid. Beleid dat durft te vertragen. Dat complexiteit niet wegduwt, maar verdraagt. Dat durft te kijken waar het voordien niet wilde kijken.
Tot die tijd draaien we rond.
Misdaad. Straf. Misdaad. Straf.
Een perpetuum mobile zonder vooruitgang.
De ondraaglijke lichtheid van de overbodige politicus.



Opmerkingen